De stammen in de Omovallei

De regering van Ethiopië is begonnen met de bouw van een gigantische hydroelektrische stuwdam in de Omorivier. De acht stammen die in de Omovallei leven, zijn voor hun levensonderhoud afhankelijk van de jaarlijkse overstroming van de Omorivier.

Een tweede enstige bedreiging vormt de grootschalige aanleg van suikerrietplantages, waardoor de stammen gedwongen worden hun land te verlaten en hun vee te verkopen.

Voor velen van deze stammen dreigt hongersnood.

Kom in actie ↓ Doneer →

Langs de benedenloop van de Omorivier in zuidwest Ethiopië leven acht verschillende stammen met een gezamenlijke bevolking van ongeveer 200.000.

Zij leven hier al eeuwenlang.

© Ingetje Tadros/ingetjetadros.com

De toekomst van deze stammen is echter onzeker. In de Omo wordt een gigantische hydro-elektrische dam, de Gibe III, aangelegd. Wanneer de dam gereed is zal deze een kwetsbaar milieu en de bestaansmiddelen van deze stamgemeenschappen, die afhankelijk zijn van de rivier en haar jaarlijkse overstroming, vernietigen.

Eind 2006 begon het Italiaanse constructiebedrijf Salini Costruttori met de bouw van de Gibe III dam, die al voor 50% is voltooid.

© Eric Lafforgue/Survival

China’s grootste bank, ICBC (Industrial and Commercial Bank of China) financiert een deel van de bouw van de Gibe III-dam. De Wereldbank heeft toegezegd (in 2012) het elektriciteitsnetwerk te financieren. In 2010 kondigden echter de Europese Investeringsbank (EIB) en de Afrikaanse Ontwikkelingsbank (AfDB) aan dat zij, op basis van vooronderzoek, niet langer overwogen om te investeren in het project.

In maart 2011 trok de regering van Ethiopië haar verzoek aan Italië om steunkrediet terug. Dit verzoek had tot grote bezorgdheid geleid bij Italiaanse NGO’s, die bij de Italiaanse Minister van buitenlandse Zaken aandrongen om zich te onthouden van steun aan het omstreden stuwdamproject.

Survival en verschillende lokale en internationale organisaties zijn ervan overtuigd dat de Gibe III-dam rampzalige gevolgen zal hebben voor de stammen die toch al op de rand van uitsterven leven in dit zeer droge gebied langs de Omorivier.

We roepen investeerders op om steun aan dit project op te schorten totdat er een onafhankelijk en volledig onderzoek is gedaan naar de sociale en ecologische gevolgen van de aanleg van de dam. Ook moet de inheemse bevolking uitgebreid zijn geraadpleegd en objectief zijn voorgelicht en moet zij vooraf toestemming hebben verleend.

Download de Factsheet van International Rivers (PDF)

Landroof en gedwongen hervestiging

In 2011 begon de regering van Ethiopië grote kavels vruchtbaar land in het Beneden-Omo-gebied te verpachten aan Maleisische, Italiaanse, Indiase en Koreaanse bedrijven voor de productie van palmolie, jathropha (voor biobrandstof), katoen en mais. Tevens werd begonnen met de gedwongen verhuizing van Bodi, Kwegu en Mursi naar hervestigingsdorpen om plaats te maken voor het grootschalige door de staat beheerde Kuraz Sugar Project, dat uiteindelijk 245.000 hectaren landbouwgrond zal beslaan. Ook de Suri, die langs de westelijke oever van de Omo leven, worden onder dwang verdreven naar nederzettingen buiten hun land om plaats te maken voor de ‘Koka’ palmolie-plantage.

De communale graanopslagplaatsen en de kostbare weidegronden zijn verwoest. Wie zich verzet tegen deze landroof wordt doorgaans afgeranseld en gevangen gezet. Er zijn talloze berichten over verkrachting van en zelfs moord op stamleden door militairen die patrouilleren in het gebied om de bouwwerkzaamheden en de plantagearbeiders te beschermen.

De Bodi, Mursi en Suri is te kennen gegeven dat ze hun veekuddes, die onmisbaar zijn voor hun levensonderhoud, moeten opgeven en slechts enkele koeien mogen houden in de nieuwe dorpen. Hier zullen ze voor hun levensonderhoud volledig afhankelijk zijn van steun van de overheid.

Na de bouw van de dam zullen honderden kilometers irrigatiekanalen worden gegraven, die het levenschenkende water van de Omo zullen afleiden naar de plantages.

Download het Human Rights Watch rapport ‘What will happen if hunger comes?’

Er is nooit onderzoek gedaan naar de milieu- en sociale effecten van het plantage- en irrigatieprogramma, en ook de inheemse bevolking is nooit geraadpleegd.

Ondanks ontmoetingen met vertegenwoordigers van de Mursi en Bodi gemeenschappen die verslag deden van ernstige mensenrechtenschendingen, hebben Amerikaanse en Britse hulporganisaties – de grootste sponsoren van Ethiopië – nagelaten om deze beschuldigingen nader te onderzoeken.

Download Oakland Institute’s Omo Land Deal Brief.

Leefwijzen

Het lager gelegen gedeelte van de Omovallei is een opvallend mooi gebied met verschillende ecosystemen, zoals savannes, oude vulkaanlandschappen en één van de weinig overgebleven ‘ongerepte’ rivierwouden in het semi-aride deel van Afrika. Er leven vele diersoorten.

© Ingetje Tadros/ingetjetadros.com

De Bodi (Me’en), de Daasanach, de Kara (of Karo), de Kwegu (of Muguji), de Mursi en de Nyangatom-stammen leven langs de Omo en zijn voor hun levensonderhoud afhankelijk van deze rivier. De sociaal-economische en ecologische gebruiken die ze hebben ontwikkeld, zijn op een complexe manier aangepast aan de harde en vaak onvoorspelbare omstandigheden die een gevolg zijn van het semi-aride klimaat in het gebied.

De jaarlijkse overstroming van de Omo is een voedingsbron voor de grote verscheidenheid aan levensvormen in het gebied en verschaft de stammen voedselzekerheid, vooral wanneer de regenval gering of onregelmatig is.

Het biedt hen de mogelijkheid om ‘overstromingslandbouw’ te bedrijven waarbij ze profiteren van het rijke slib dat op de rivierbeddingen achterblijft als het water langzaam terugstroomt.

Op de uiterwaarden van de rivier wordt ook van de regen afhankelijke zwerflandbouw bedreven, waarbij sorghum, mais en bonen worden verbouwd. Sommige stammen, in het bijzonder de Kwegu, doen aan visvangst en jagen op wild.

Runderen, geiten en schapen, die hen voorzien van bloed, melk en huiden, zijn van vitaal belang voor het bestaan van de stammen. Aan rundvee wordt een hoge waarde toegekend en het wordt ook gebruikt als bruidschat.


Tribal song from the Omo Valley. Recording by Daniel Sullivan.

Rundvee vormt een buffer tegen hongersnood wanneer regen uitblijft en oogsten mislukken. In bepaalde seizoenen trekken families naar tijdelijke verblijfplaatsen om de kudden te laten grazen op nieuwe weidegrond. In deze tijd overleven ze op een dieet van melk en bloed van hun vee. The Bodi zingen voor hun lievelingsvee.

© Magda Rakita/Survival

Andere volken zoals de Hamar, de Chai (of Suri) en de Turkana leven op grotere afstand van de rivier, maar een netwerk van inter-etnische bondgenootschappen verschaft hen in tijden van schaarste toegang tot de uiterwaarden.

Toch ontstaan er, ondanks deze samenwerking, herhaaldelijk conflicten als gemeenschappen moeten concurreren om natuurlijke hulpbronnen. De wedijver om de schaarse middelen van bestaan is verhevigd omdat de overheid steeds meer land van de stammen in bezit heeft genomen. De invoer van vuurwapens heeft de gevechten tussen de etnische groeperingen gevaarlijker gemaakt.

Geen stem

Jarenlang hebben de inheemse stammen in de Beneden-Omovallei geleden. Ze kregen steeds minder toegang tot, en hadden steeds minder controle over, hun eigen land. In de jaren ’60 en ’70 werden twee nationale parken opgericht.

Terwijl toeristen op safari kunnen gaan om te jagen in het gebied wordt het de stammen zelf verboden om er te jagen. Dit heeft de ondervoeding, waarvan al eerder sprake was, nog verder verergerd.

© Magda Rakita/Survival

In de jaren ’80 werd een deel van hun land getransformeerd tot een geïrrigeerd overheidslandbouwbedrijf. Onlangs heeft de regering de aanzet gegeven tot een project dat omvangrijke gedeelten van het land geschikt moet maken voor de productie van handelsgewassen voor de export, zoals biobrandstoffen.

Hoewel de Ethiopische grondwet aan de inheemse bevolking waarborgen verleent op het recht op ‘volledige raadpleging’ en op ‘meningsuiting over de planning en implementatie van milieubeleid en projecten die rechtsstreeks invloed op hen hebben’, is in de praktijk maar zelden sprake van volledige en aan de situatie aangepaste raadpleging.

De stammen die in het lager gelegen gedeelte van de Omovallei leven nemen pas politieke besluiten na uitgebreide gemeenschappelijke vergaderingen waaraan alle volwassenen deelnemen. Slechts weinigen beheersen het Amharic, de officiële volkstaal, en de alfabetiseringsgraad is er landelijk gezien het laagst. Dit betekent dat ze nauwelijks toegang hebben tot informatie over ontwikkelingen die hen direct raken.

De mensen leven nu in angst. Ze zijn bang voor de regering. Help alstublieft de herdervolken in zuid-Ethiopie, ze worden ernstig bedreigd.Inheemse Omovallei-bewoner

Een functionaris van USAID, die afgelopen januari het lager gelegen deel van de Omovallei bezocht om vast te stellen wat de effecten zullen zijn van de Gibe III dam, rapporteerde dat de inheemse gemeenschappen vrijwel niets of zelfs helemaal niets wisten over het project.

Om discussies over controversiële politieke besluiten en bewustwording van mensenrechten te beperken, kondigde de regering in februari 2009 een decreet af waarin het iedere non-profit organisatie die meer dan 10% van haar financiering ontvangt uit buitenlandse bronnen (wat geldt voor praktisch iedere non-profit organisatie in Ethiopië) verboden werd om humanitaire of democratische rechten te bevorderen.

In juli 2009 werden 41 plaatselijke ‘gemeenschapsverbanden’ door het Justitiekantoor van de Southern Region beschuldigd van obstructie van het regeringsbeleid en werden hun vergunningen ingetrokken. Veel waarnemers vermoeden dat de herroeping in werkelijkheid een poging is van de regering om iedere discussie over, en iedere vorm van verzet tegen, het Gibe III project de grond in te stampen.

De Gibe III dam

In juli 2006 ondertekende de regering van Ethiopië een contract met het Italiaanse bedrijf Salini Costruttori voor de bouw van de Gibe III, de grootste hydro-elektrische stuwdam in het land. Dit was in strijd met de Ethiopische wetgeving, want van mededinging van concurrenten was geen sprake.

© Survival International

De bouw begon in 2006 met een budget van 1,4 miljard Euro. De dam is reeds voor de helft voltooid en de kosten rijzen de pan uit.

De stuwdam zal het zuidwestelijke deel van de Omorivier, die een verloop heeft van 760 kilometer, van de hooglanden van Ethiopië tot aan het Turkanameer in Kenia, versperren.

Het lager gelegen gedeelte van de Omovallei is, vanwege het archeologische en geologische belang, door de UNESCO uitgeroepen tot werelderfgoed. De Omorivier stroomt hier door de Mago en Omo nationale parken, die aan verschillende inheemse stammen een thuis bieden.

De Ethiopische milieuwet verplicht tot het verrichten van een onderzoek naar sociale- en milieueffecten (ESIA) vóórdat toestemming wordt gegeven aan een project.

Desondanks heeft het Ethiopische Milieubeschermingsbureau (EPA) in juli 2008, twee jaar nadat met de bouw werd begonnen, met terugwerkende kracht het ESIA onderzoek goedgekeurd.

Het ESIA onderzoek werd uitgevoerd door een Italiaans bedrijf, CESI, en betaald door EEPco (het Ethiopische Elektriciteitsbedrijf) en Salini. Dit roept vragen op over het onafhankelijke karakter en de geloofwaardigheid van de uitkomst. Het rapport dat CESI in januari 2009 publiceerde spreekt zich positief uit over het project en stelt dat het effect op het milieu en op de inheemse bevolking verwaarloosbaar zal zijn en zelfs ‘positief’ zal uitpakken.

© Serge Tornay/Survival

Volgens onafhankelijke deskundigen zullen de dam, de plantages en de irrigatiekanalen een enorme impact hebben op het kwetsbare ecosysteem in het gebied. Doordat de periodieke overstroming van de Omo zal veranderen, zal er een dramatische afname zijn van de waterhoeveelheid in de benedenloop. Het gevolg hiervan is dat een groot deel van het stroomgebied zal verdrogen en het bos langs de oever zal verdwijnen. De inheemse bevolking, zoals de Kwegu die bijna geheel afhankelijk zijn van de visvangst en de jacht, worden hierdoor ernstig bedreigd.

Als er geen natuurlijke overstroming, en daarmee geen vruchtbare slibafzetting meer is, dan zullen deze zelfvoorzienende gemeenschappen uiteenvallen, en zullen minstens 100.000 mensen te maken krijgen met voedselgebrek. Door de voedselschaarste is er grote kans dat inter-ethnische conflicten toenemen.

Kom in actie voor de stammen in de Omovallei

Ook jij kan rechtstreeks bijdragen aan het verbeteren van de levensomstandigheden en de toekomstperspectieven van de Ethiopische stammen.